Schrijf je vandaag nog in voor de Heuvelland Wandel 4 Daagse!

Het nieuwe pad slingerde omhoog, richting de volgende bestemming op de route van Polke. Het was smal en steil, en de stenen onder hun voeten lagen los. Elke stap moest voorzichtig worden gezet.
Na een tijdje begonnen de wandelvriendjes te hijgen. “Hoe ver nog?” vroeg Max terwijl hij zijn knieën vastpakte. Opa Piet bleef even staan en leunde op zijn wandelstok. “Ik denk dat we een pauze verdiend hebben,” zei hij met een glimlach. Polke draaide zich om. Zijn wangen waren niet rood.
Zijn adem ging rustig, alsof hij net begonnen was. “We zijn er bijna,” zei hij opgewekt. Lotte keek hem, onder haar grote pet door, fronsend aan. “Dat zeg je al een tijdje.” Polke lachte. “Dat komt omdat het altijd bijna is.” Ze liepen verder. De heuvel leek langer te worden in plaats van korter. De bomen werden lager, de wind sterker.
Max bleef plots staan. “Wacht eens even,” zei hij. “Hoe kan het dat jij nog niet eens zucht?” Polke keek verbaasd. “Zucht?”
“Ja,” zei Lotte. “Mijn benen voelen als pudding. Die van opa ook, maar jij loopt alsof je net wakker bent.” Polke keek naar zijn voeten. Hij wiebelde even met zijn tenen. “Ik… word gewoon niet zo snel moe.” “Niemand wordt nooit moe,” zei opa Piet zacht. Polke zei niets.
Ze zagen hoe hij zijn knapzak iets rechter hing, alsof hij zich groter probeerde te maken. Even later struikelde Lotte. Polke was er meteen. Hij ving haar op voordat ze viel. “Dank je,” zei ze. “Je was er zo snel.” Polke glimlachte, maar zijn ogen stonden serieus.
“Ik moet altijd klaarstaan.”
“Waarom?” vroeg Max. Polke keek omhoog naar de top van de heuvel. “Omdat als ik stop…” Hij zweeg. De wind gierde langs hun oren. Een vogel cirkelde boven hen, alsof hij wachtte. “Als jij stopt wat?” vroeg Lotte. Polke haalde diep adem. “Dan stopt er meer dan alleen een wandeling.”
Opa keek hem onderzoekend aan. “Je draagt iets met je mee, jongen.” Polke knikte langzaam. “Ja,” fluisterde hij. “En het wordt zwaarder naarmate we verder lopen.” Ze bereikten een klein plateau. Polke bleef staan en keek naar het pad dat verderging;
een pad dat vreemd genoeg niet op de grond lag, maar leek te zweven in het licht.
Het meisje volgde zijn blik. “Polke… dat pad lag daar net niet.” Polke slikte. “Dat komt,” zei hij zacht, “omdat dit pad alleen blijft bestaan zolang ik blijf lopen.”
Voor een prachtige 4 daagse fiets tour door het Zuid-Limburgse heuvelland
De volgende prijs ophoging voor de Heuvelland wandel4daagse is over: